ARISE Kampen

ARISE Kampen

Inleiding Matthäus Passion 14 april 2017

Blog Wolfried Kaper - dirigentPosted by Ria Weerdmeester 19 Feb, 2017 14:13:34

De komende tijd schrijft onze dirigent Wolfried Kaper regelmatig een blog over een deel uit de Mattheus Passion van J.S.Bach.
Met uitleg zoals wíj van hem gewend zijn in de repetities en die gewoonlijk toegevoegd zijn als luisteraanwijzing in het tekstboekje bij onze concerten.




Op weg naar Goede Vrijdag 14 april 2017

Een mooie bijdrage van Carl Visser - Klavicinist


Wanneer de eerste tonen klinken, gebeurt er iets wat zich vertaald in een letterlijke verslaving.
Tijdens mijn jeugd heb ik voor het eerst kennisgemaakt met dit werk van J. S. Bach. Dit greep mij als kind al aan. Tijdens mijn conservatorium-studie kreeg ik steeds meer het besef: dat werk is werkelijk van ongekende klasse. En het is een ontzettende eer om dit te morgen spelen! Dit gaat, wederom!, gebeuren. Nu op clavecimbel en dus, in Kaper's uitvoering, de andere partij dan de orgel-sectie. Ik heb het genoegen om alle recitatieven te mogen spelen met uitzondering van de Christus-recitatieven.

Tijdens de voorbereidingen heb ik veel gewerkt aan tekstplaatsing en de daadwerkelijk inhoud van de tekst. Waar gaat het over, wat zegt de evangelist daadwerkelijk en wat suggereerde hij? Waar wil hij heen met dingen die hij mogelijk helemaal niet zegt maar zeer zeker bedoelde? Ik wil het verhaal voelen/proeven/ademen. Het verhaal dat niet alleen zit in de woorden die de evangelist zegt (zingt) maar ook in de manier van begeleiden door de celliste en mij. Ik wil een eenheid vormen tussen woord en muziek, tussen het verhaal en de begeleiding, tussen het evangelie gezongen en gespeeld.

Dichtbij mijn huis, midden in de natuur, staat een klein kapelletje met een beeld van Maria en een bankje met het uitzicht op weiland. Dat is voor mij een belangrijke plek geweest, daar zit een deel voorbereiding van teksten die essentieel is geweest. Dan komt daarnaast natuurlijk de praktische manier van studeren, zorgen dat de akkoorden op een juiste manier geplaatst worden en wel zo dat het elkaar versterkt. Breken of juist niet? Hard of zacht? Teder of ruw?


Wat een rijkdom om zo intens deze muziek te mogen beleven, zo diep te duiken in dit onvolprezen werk van Bach. Iets van zonnestralen te ontdekken in een verhaal met een dramatische afloop.

Zoals Lennard Cohen zo mooi zei: "there's a crack in everything that's how the light gets in".


------------------------------------------oo------------------------------------------------

Deze week weer een prachtige luisteraanwijzing van onze dirigent Wolfried Kaper

Koraal 46. Wie wunderbarlich ist doch diese Strafe!

Als het volk, daartoe aangezet door de hogepriester en de oudsten, schreeuwt om de kruisiging van Jezus, volgt daarop het koraal;
„Wie wunderbarlich ist doch diese Strafe!“, de gedachte over hoe vreemd het toch eigenlijk is dat de goede Herder voor de kudde moet lijden. Let ook op het uitroepteken in de tekst.

De melodie is gelijk aan die van het eerste koraal in de Passion „Herzliebster Jesu was hast du verbrochen“, waarin eigenlijk dezelfde vraag staat.. De harmonisatie is nog veel indringender; vooral de gang van de bas in deze eerste zin, de stijgende, bijna chromatische basmelodie geeft een duidelijk vragende intentie aan.
Bij de interpretatie kun je daar dan ook rekening mee houden.

In het volgende korte recitatief komt Pilatus met de echte vraag: „Wat heeft hij dan verkeerd gedaan?“

----------------------------------------0-0-0---------------------------------------------
Evangelist:
Maar de Opperpriester en oudsten hitsten het volk op dat zij om Barabbas moesten vragen en Jezus ter dood moesten laten brengen.
Nu nam de landvoogd het woord en sprak:

Wie van de twee wilt gij dat ik loslaat?

Zij zeiden: Barabbas!

Pilatus zei tot hen: Wat moet ik dan doen met Jezus, die Christus
wordt genoemd?

Allen riepen: Kruisig Hem!

Koraal 46:
Hoe wonderlijk is toch deze straf:
de goede Herder lijdt voor Zijn schapen,
de rechtvaardige Heer betaalt de schuld
van Zijn dienaars.

De landvoogd zei: Wat voor kwaad heeft Hij dan gedaan?




Koraal: Befiehl du deine Wege

Het koraal staat in de toonsoort D groot, waarover de componist Bartolus in 1631 vermeldt dat er een bijzondere eerbied en ernstige oprechtheid in de gemoederen van mensen mee tot stand komt en daarom als vanzelfsprekend wordt gebruikt voor vocale kerkelijke muziek. Rousseau in 1691 vindt dat er sprake is van vrolijkheid en grootse zaken. Rameau in 1722 herkent ook de vrolijkheid en het magnifieke, het grootse.
Dat is ook precies wat dit koraal uitstraalt en wat in de tekst herkend wordt. Geen nadruk op de zonde, zoals in vele voorgaande koralen, maar juist op het vertrouwen dat de mens mag hebben.

Vlak voor de heftigheid in de navolgende delen een soort hart onder de riem, om het komende onheil beter aan te kunnen. Eigenlijk in navolging van Jezus, die in het voorgaande recitatief niet ingaat op de vragen van Pilatus. Daar verwondert deze zich over, want waarom zegt de aangeklaagde helemaal niets over de beschuldiging, waarom probeert hij zich niet te verdedigen?
Het antwoord staat in het koraal.


Toen Jezus voor de landvoogd stond, ondervroeg deze Hem en zei:
Zijt Gij de koning van de Joden?
Jezus antwoordde hem: Gij zegt het.
Maar op de beschuldigingen van de opperpriesters en oudsten antwoordde Hij niets.
Toen zei Pilatus tot Hem: Hoort Gij dan niet, wat zij tegen U getuigen?

Maar Hij antwoordde Hem op geen enkele vraag, zodat de landvoogd zeer verwonderd was.

Koraal: Beveel gerust uw wegen
Leg gerust uw leven en al wat uw hart bezwaart
in de handen van degene die hemel en aarde bewaart,
Die wolken, lucht en winden leidt in de goede baan,
en Die zeker de weg zal vinden die uw voeten moeten gaan.



Op weg naar Goede Vrijdag
Deze week een bijdrage van Marten Smeding - tenor


Marten vertolkt ook dit jaar de rol van evangelist (verteller) in de Matthaüs Passion op Goede Vrijdag 14 april 2017 in de Bovenkerk in Kampen.

Gedachten bij Bachs Matthäus Passion

Ik heb nooit de tel bijgehouden van wat ik waar en hoeveel keer heb gezongen.
Mijn eerste Matthäus zong ik toen ik 33 jaar was en aangezien dat precies de leeftijd van de gekruisigde Christus is, vergeet ik dat natuurlijk niet.
Als ik afgelopen voorjaar 2016 weer deze Bachpassie zing ben ik 66. En in ieder jaar zong ik er minstens één. Bachs compositie is daarmee een ijkpunt in mijn zingen geworden.
Ik zing voor die periode het liefst even niet. Dan zing ik op allerlei toonhoogtes de veel gebruikte tekst: Er sprach. Door dat voortdurend te doen, krijg ik de stem waar ik hem wil hebben. Zo kan ik weer fris het podium op.

Mentaal is de Matthäus Passion zwaar. Soms schrijf ik ergens in de partij: Houd het rustig. Want soms huilen luisteraars, ik vind dat ontroerend, maar moet wel verder. Na afloop vertrouwen mensen je soms iets moois toe, zoals eens keer na een uitvoering in het Concertgebouw. Na het slotapplaus, keerden we terug en kregen zelfs bloemen en het is mijn gewoonte om die aan iemand in het publiek te geven. Ik ontving daarover een brief geadresseerd: Aan de evangelist in het Concertgebouw. Knap van de organisatie om die keurig bij mij te bezorgen.
Als ik hem openmaak lees ik: “ Ik ga met mijn man sinds lange tijd naar een concert. Zoals zo vaak denk ik aan het kind dat we zo graag hadden willen hebben,maar niet kwam. Ik vind troost bij die prachtige muziek. Misschien moet ik zelf weer gaan zingen, dat zou goed voor me zijn. Ik moet verder weet ik ineens, het verdriet mag ons er niet onder krijgen. Aan het slot krijg van jou de bloemen, het voelt of het zo moest zijn. Maar nu enkele dagen later is er iets ongelooflijk gebeurd: Ik ben zwanger! Heeft die prachtige muziek daar iets mee te maken. En die bloemen na afloop? Je vindt het toch niet erg dat ik dit maar zo stuur, maar we zijn zo in de wolken”! Nee, zo schrijf ik terug, ik vind het totaal niet erg dat ik deze brief heb gekregen.
En of die avond er iets aan heeft bijgedragen? Zolang maar duidelijk is dat het kind niet van mij is, vind ik het geweldig!




Op weg naar Goede Vrijdag
De wekelijkse bijdrage van onze dirigent. Deze aanwijzingen (en veel meer) geeft Wolfried Kaper ons elke vrijdagavond mee in de repetitie. Wat zijn we blij met hem (al meer dan 40 jaar....).

Koraal „bin ich gleich von dir gewichen“


Het verraad van Petrus is aangrijpend en ook voor iedereen zeer invoelbaar, het is niet altijd makkelijk om voor je idealen en principes te blijven staan.
Petrus, de apostel die zich zo betrokken voelt en zo enthousiast is dat hij zegt alles te willen doen, zelfs te willen sterven voor Jezus, juist hij pleegt het verraad dat voorspeld was.

In het recitatief voor de alt-aria „Erbarme dich“ horen we zijn ontkenning op de vraag of hij ook niet één van de volgelingen van Jezus was. Daarna volgt het kraaien van de haan, waarna Petrus naar buiten loopt en huilt.
Het „weinete bitterlich“ is een woordschildering van de componist die op indrukwekkende manier het recitatief beeindigt.

Na de aria waarin de schuld van Petrus wordt bezongen, waarover John Eliot Gardiner schrijft dat deze aria juist door een alt gezongen wordt om te onderstrepen dat volgens het idee van Luther iedereen schuldig is, terwijl Petrus eigenlijk door een bas wordt gezongen, volgt dan het koraal met een vertroosting.
Want natuurlijk is er ook voor Petrus weer de kans om zich opnieuw in te zetten voor zijn Meester, zelfs na het drievoudig verrraad.

Hij doet dat ook lezen we later en in zijn apocrieve Handelingen wordt zelfs vermeld dat hij bij zijn eigen kruisdood vraagt om ondersteboven te worden gehangen. Hij wil niet sterven op de manier die Jezus moest ondergaan.

In het koraal wordt gezongen over het zich weer in dienst stellen, zonder dat de schuld wordt ontkend. Gelukkig blijkt de genade van God groter dan de zonde die zich in ons bevindt en ook daar kunnen we dat bij het uitvoeren natuurlijk in dynamiek laten horen, waar al in de toonhoogte verschil staat: „Deine Gnad“ staat op de hoogste noten van de melodie in dit koraal, waarna de melodie omlaag beweegt bij de laatste woorden over de zonde in ons.


Bin ich gleich von dir gewichen,
stell ich mich doch wieder ein;
hat uns doch dein Sohn verglichen
durch sein' Angst und Todespein.
Ich verleugne nicht die Schuld;
aber deine Gnad und Huld
ist viel grösser als die Sünde,
die ich stets in mir befinde.

Ook al mocht ik van U zijn afgedwaald,
toch keer ik mij opnieuw tot U;
want uw Zoon bracht ons verzoening
door zijn angst en stervenspijn.
Mijn schuld ontken ik niet;
maar uw genade en welwillendheid
is veel groter dan de zonde,
die zich immer in mij bevindt.



Choral 37. Wer hat dich so geslagen - Matthäus Passion - JS Bach





Het koraal „Wer hat dich so geschlagen“ wordt gezongen na de gewelddadige handelingen en uitspraken van het Sanhedrin, de Joodse raad.
Voor het koor de opdracht om zich te verplaatsen in de mensen die door elkaar heen schreeuwend de dood van Jezus eisen en hem ook vragen om te zeggen wie hem slaat.
Met andere woorden, als je dan de zoon van God of een profeet bent, dan kun je dat natuurlijk wel zeggen ook al zie je niet wie je raakt.
Niet makkelijk voor koorleden, die zich nooit vijandig wensen te gedragen, om zo te zingen dat de overtuiging waarmee het klinken moet, gestalte te geven. Het gaat tegen hun gevoelens in.

Zo moet het ook in de tijd van Bach geweest zijn. Het zal dan ook in die tijd goed geweest zijn om het koraal er na te zingen en te horen waar de inleving van het gebeurde vertaald wordt naar de laatste zin „von Missetaten weißt du nicht“.

De heftigheid waarmee het koordeel „weissage“ en de innigheid waarmee de vraag in het koraal overkomt verschillen enorm en dat doet de bezinning weer toenemen.

Evangelist:
Da speieten sie aus in sein Angesicht,
und schlugen ihn mit Fäusten.
Etliche aber schlugen ihn ins Angesicht, und sprachen:
Toen spuwden ze Hem in zijn gezicht en stompten Hem.
Sommigen sloegen Hem in het gezicht en riepen:

Koor:
Weissage uns Christe, wer ist's der dich schlug?
Voorspel ons, Christus, wie U sloeg?

Koraal
Wer hat dich so geschlagen,
mein Heil, und dich mit Plagen
so übel zugericht'?
Du bist ja nicht ein Sünder
wie wir und unsre Kinder;
von Missetaten weisst du nicht.

Wie heeft U zo geslagen,
mijn Verlosser, en met kwellingen
zo lelijk toegetakeld?
U bent immers geen zondaar
zoals wij en onze kinderen;
van misdaden weet U niets.




Week 7:
Inleiding Matthäus Passion op Goede Vrijdag 14 april 2017 - door Wolfried Kaper

Koraal „Mir hat die Welt trüglich gericht“

De koralen in de Matthäus Passion zijn voor de kerkgangers in de tijd van Bach natuurlijk zeer bekend. Vroeger dacht men wel dat op de Goede Vrijdag deze koralen door de gemeente meegezongen werden.
Dat was niet het geval. Aan het begin van de kerkdienst had de gemeente een actieve rol met een lied, daarna volgde de Passion met daarin opgenomen een preek.
Na de Passion klonk nog één lied door de gemeente.

Als je brieven leest van de zonen van Johann Sebastian, verbazen ze zich over de manier waarop in de omgeving met koralen wordt omgegaan.
Ze beklagen zich er over dat er weinig verschil in dynamiek is en dat alle koralen op dezelfde manier worden gezongen, ongeacht wat voor tekst er staat.
We begrijpen hier uit dat het bij hun vader wel anders gebeurde. Dat is ook wel logisch, als je ziet wat hij allemaal aanwendt om tekst duidelijker te maken en dichterbij te brengen.

In dit koraal dat volgt na een recitatief waarin wordt gesproken over valse getuigenis tegen Jezus, staat ook een prachtig voorbeeld.
Vrijwel altijd staan de beklemtoonde lettergrepen van de woorden op de zware maatdelen van de vierkwartsmaat, de 1e en de 3e kwart. Bijvoorbeeld, woorden als Welt, geRicht, Lügen en G'dicht.
Eigenlijk zou vanwege de beklemtoning ook de lettergreep trüg van het woord trüglich op 1 of op 3 komen. Omdat het woord de betekenis „bedrieglijk“ heeft, schrijft de componist het beklemtoonde gedeelte op de 2e kwart, het bedrieglijke aspect uitgelicht, een indicatie te meer om de beklemtoning exacter te nemen en juist ook op de 2e kwart sterker te zingen dan op 1 en 3. Zo blijf je dichter bij de tekst en is volgens ons de bedoeling duidelijker.

Het eerste gedeelte van dit koraal geeft aan hoe de wereld vol zit met leugens en bedrog. Bij Herr, nimm mein wahr in dieser Gfahr, bhüt mich für falschen Tükken! Klinkt een bede, vandaar ook het onderscheid in de toonsterkte.

Wolfried Kaper

(om de tekstverklaring duidelijk te houden, is in het YouTubefilmpje de ondertiteling in de oorspronkelijke taal - Duits - gezet.
Hierbij de vertaling:

Evangelist: De Opperpriester en heel de Hoge Raad zochten naar een valse aanklacht tegen Jezus om Hem ter dood te brengen. Maar zij vonden er geen.

Koraal
De wereld heeft Mij ten onrechte door leugens en bedrog beschuldigd,
uit afgunst en misdadigheid.
Heer, zie naar Mij om in dit gevaar.
Behoed Mij voor valse aanklachten. )








Week 6:
Inleiding Matthäus Passion op Goede Vrijdag 14 april 2017 - door Wolfried Kaper


"O Mensch bewein dein Sünde groß“dl 2

Zoals Wolfried vorige week al noemde:
" Deze koraalfantasie werd pas 9 jaar later dan de eerste uitvoering toegevoegd en staat vol met woordschilderingen - Tonmalerei - we gaan hier volgende week nog op in..." hierbij "O Mensch bewein dein Sünde groß“ dl 2

De tijd waarin wij leven staat in jaren ver af van de periode waarin Bach werkzaam was als uitvoerend musicus en componist.
Hij leefde van 1685 tot 1750 en in die tijd werd natuurlijk ook geschilderd, tekende men en werd in allerhande materiaal de lijdensgeschiedenis vormgegeven.
Toch begrijpen we dat de beelden die ons nu omringen via tv, internet, dag- en weekbladen en glossy's een groot deel van onze fantasie prikkelen en verhalen en gebeurtenissen veel dichterbij brengen.
Grote schilderijen uit de Barok zijn niet voor iedereen toegankelijk in de tijd waarin ze ontstaan. De Kruisweg, de 14 staties waarin wordt stilgestaan bij de verschillende momenten in het lijdensverhaal, beginnend bij de ter dood veroordeling en eindigend bij de graflegging, wordt door Paus Clemens XII (1730-1740) pas verplicht gesteld in de Rooms Katholieke kerk.
Hoewel er voor die tijd ook wel gebeden waren voor deze Kruisweg, gerelateerd aan de gang van Maria langs de plaatsen waar Jezus gevankelijk werd gevoerd, is het aantal beelden en schilderijen die dan beschikbaar zijn, niet te vergelijken met wat wij kunnen bekijken.

De Tonmalerei, letterlijk vertaald toonschildering, wordt door Johann Sebastian Bach gebruikt om de tekst uit te beelden, te verlevendigen en te onderstrepen.
Met alle mogelijke muzikale middelen die hem ten dienste staan, onder andere: melos (toonhoogte), ritme (toonlengte) en klagende melismen (meerdere noten op één lettergreep gezongen) brengt hij de tekst dichterbij. Met deze manier van componeren komen beelden op andere wijze tot leven.
Als je het koraal nog eens luistert en let op het woord „bewein“ in alt, tenor en bas met een klagend melisme geschreven, maakt dit het wenen bijna tastbaar. Bij „äußert und kam auf Erden“ gaat de melodie na de inzet in alle stemsoorten omlaag om het op aarde komen te verduidelijken en eindigt in de sopraan en bas zelfs in de grondtoon e (de toonsoort waarin het koraal staat).
„Den Toten er das leben gab“, hier wordt door de alt op zeer nadrukkelijke wijze in het rime en toonhoogte het woord „leben“ (leven) uitgelicht en ook tenor en bas laten zich daar hoger horen.
Een woord als „Krankheit“ laat Bach natuurlijk niet liggen. Een klagend melisme bij alt, tenor en bas met daarbij in de geschreven noten intervallen die gekenmerkt worden door vele kruistekens en zelfs een aantal dubbelkruisen, die staan er natuurlijk ook niet voor niets. De zin eindigt met het woordje „ab“, geschreven op slechts een achtste noot, kort dus, de ziekte wordt weggenomen.
Aan het eind van het koraal wordt „Trüg unsrer Sünden schwere Bürd wohl an dem Kreuze lange“ (droeg de zware last van onze zonden langdurig aan het kruis) het woord „lange“ ook in lengte over 3 maten in de sopraan gezongen en de andere stemmen sluiten zich met een melisme op dat woord aan.
De afsluitende instrumentale maten symboliseren als het ware de discipelen die Jezus verlaten en vluchten, zoals vermeld in het recitatief dat aan dit koraal voorafgaat.
Snelle loopjes van fluiten en hobo's in zestiende noten, korte achtste noten in de strijkers met veel rusten er in eindigen op het laatst in een achtste noot, terwijl juist de basnoot in orgel, fagot, cello en contrabas in vier maten overgebonden eindigt in een kwart. De grondtoon (Jezus) blijft, terwijl de leerlingen vluchten.

De predikant kon bij een zo eindigende vervluchtiging in de muziek daarop in de hierop volgende preek heel goed aansluiten.

Wolfried Kaper



Week 5 Inleiding Matthäus Passion op Goede Vrijdag 14 april 2017 - door Wolfried Kaper

O Mensch, bewein’ dein’ Sünde groß,
Darum Christus sein’s Vaters Schoß
Äussert’ und kam auf Erden.
Von einer Jungfrau rein und zart
Für uns er hie geboren ward,
Er wollt’ der Mittler werden.
Den Toten er das Leben gab,
Und legt’ darbei all’ Krankheit ab,
Bis sich die Zeit herdrange
Daß er für uns geopfert würd’,
Trüg’ unsrer Sünden schwere Bürd’
Wohl an dem Kreuze lange.

Als je op het internet zoekt naar het aantal Matthäus Passionen dat dit jaar wordt uitgevoerd, kom je alleen al op de Klassieke Muziek Agenda Nederland uit op 75.
Zag er een paar waar ik van weet dat ze worden gezongen in de omgeving van Zwolle en niet vermeld staan, zodat we rustig kunnen aannemen dat het aantal de 100 ver overtreft, het kunnen er wel honderden zijn.

Onvoorstelbaar voor zo'n klein land. Het lijkt ook wel of er steeds meer uitvoeringen van het werk te horen zijn. Natuurlijk is het de muziek van Bach die velen voor de concertante uitvoeringen van het werk in beweging brengt. Maar je vraagt je toch ook af waarom mensen, die het verhaal over het algemeen wel kennen en vaak niet eens kerkelijk meeleven, of zich zelfs afzetten tegen het geloof, steeds weer opnieuw dat verhaal willen horen als het getoonzet is door de grote meester.
Is het misschien zo, dat het niet alleen voor tijdgenoten van Bach van belang is om tot bezinning te komen, toch de reden waarom de compositie werd geschreven, maar slaagt hij er in om tijdloos dit altijd nog zeer actuele verhaal zo dicht bij te brengen, dat het mensen immer nog ontroert?

Het gegeven: het goede wordt aan alle kanten belaagd, verraden, bespot en uiteindelijk ter dood gebracht. Het gebeurde Jezus, als zoon van God het ultieme goede, bijna 2000 jaar geleden.

In onze wereld van 2017 is het vaak niet anders. Mensen in een kerk, een moskee, bij een concert, op een kerstmarkt, een sportevenement, bijeengekomen met nobele gedachten en dan zo maar om het leven gebracht.
Ook voorbeelden uit het verleden, de moord op Martin Luther King, Gandhi, de populaire vredesapostel John Lennon, staan ons nog voor ogen.
Maar ook in ander verband is de ongerechtigheid groot en blijkt steeds weer hoe geld en macht in staat zijn om van mensen machines te maken. Het recht van de sterkste lijkt te kunnen winnen, het verhaal van de Barmhartige Samaritaan lijkt ver weg.

Maar dan toch, dan komt de muziek van Johann Sebastian Bach en begeleidt het verhaal zodanig, dat je, ondanks de afloop, gesterkt wordt in het goede. In het koraal „O Mensch bewein dein Sünde groß“, dat aan het einde van het eerste deel de preek moet inleiden, wordt aangemoedigd tot inkeer en ook verhaald over de bemiddelende rol van Jezus die, voor de mensheid op aarde gekomen, haar ongerechtigheden op zich nemend wordt gekruisigd.

Deze koraalfantasie werd pas 9 jaar later dan de eerste uitvoering toegevoegd en staat vol met woordschilderingen, we gaan hier volgende week nog op in. Het gaf de aanwezigen de gelegenheid om zich al bezinnend voor te bereiden op de preek. Tegenwoordig in de concertante uitvoeringen begeeft het publiek zich dan naar de koffie en het kan haast niet anders of de bezinning krijgt ook ergens een plekje.

Wolfried Kaper



Week 4: Inleiding Matthäus Passion Goede Vrijdag 14 april 2017 - door Wolfried Kaper

'Was mein Got will, das gescheh allzeit..'


Een koraal dat door menigeen met moeite wordt gezongen, het is niet altijd makkelijk om het leven te aanvaarden zoals het aan je voorbijgaat.
Toch moeten we ook bedenken dat deze tekst komt na de recitatieven en aria's waarin gezongen wordt over de manier waarop de discipelen, en hierin ook de gelovigen, zich zo graag voor Jezus wilen inzetten en moeten ervaren dat ze er soms niet toe in staat zijn. Jezus bidt: “Vater ists möglich, so gehe dieser Kelch von mir, doch nicht wie ich will, sondern wie du willt“, daarna komt hij terug bij zijn discipelen en ze zijn niet in staat gebleken om wakker te blijven op het moment dat hun Meester het moeilijk heeft.

Voor de tweede keer gaat Jezus bidden en vraagt weer of de beker aan Hem voorbij mag gaan en besluit met „Ich trinke ihn denn, so geschehe dein Wille“ Direct daarna klinkt het koraal.

Ook aan de kleine Johann is het leven niet moeiteloos voorbijgetrokken. Wat moet er allemaal door het gedachtenleven van het kind zijn heen gegaan, als hij eerst op tienjarige leeftijd zijn moeder en kort er na zijn vader verliest. Op tienjarige leeftijd wees en gelukkig opgevangen door zijn oudste broer die in Ohrdruff organist is.
Ook in zijn eigen gezinsleven later is er naast gelukkige perioden ook veel tegenslag. Zijn eerste vrouw, Maria Barbara, overleed in 1720. Van de twintig kinderen die Johann Sebastian Bach in twee huwelijken heeft gekregen zijn er 10 op zeer jeugdige leeftijd gestorven en van de tien die de zuigelingen- en kleutersterfte overleefden (zes jongens en vier meisjes), moest hij ook nog meemaken dat Johann Gottfried Bernhardt op vierentwintigjarige leeftijd overleed.

De tekst van het bovenstaande koraal moet hem dan ook niet makkelijk zijn gevallen. Maar het vaste vertrouwen waarmee het koraal besluit zal hem zeker geholpen hebben.


Week 3: Inleiding Matthäus Passion Goede Vrijdag 14 april 2017 - door Wolfried Kaper

De koralen „Erkenne mich mein Hüter“ en „Ich will hier bei dir stehen“



Deze twee koralen hebben dezelfde harmonisatie, dat wil zeggen dat in de vierstemmigheid elke stem dezelfde melodie zingt. Het eerste koraal staat in de toonsoort E en het tweede in de toonsoort Es, een halve toon lager dus.

Musici zijn in de loop der jaren altijd van mening geweest dat een toonsoort een duidelijk karakter heeft. Charpentier in 1692, Mattheson in 1713 en Quantz in 1752 schrijven daar uitvoerig over.
„Erkenne mich, mein Hüter, mein Hirte, nimm mich an!“ staat na het recitatief waarin Jezus zegt: „In dieser Nacht werdet ihr euch alle ärgern an mir. Denn es stehet geschrieben: Ich werde den Hirten schlagen und die Schafe der Herde werden sich zerstreuen“. In het koraal waarin naar voren komt hoeveel goeds de Herder hen heeft gegeven, klinkt de bede om door Hem te worden aangenomen. De toonsoort E wordt gekenmerkt als glanzend en stralend, passend bij alle goeds dat omschreven wordt.

Dan volgt het recitatief waarin Petrus duidelijk maakt dat, wat er ook gebeurt, hij zich nooit van Jezus zal afkeren. Jezus antwoordt hem dat juist hij Hem zal verloochenen. Petrus zegt dan dat hij zelfs met Jezus zal willen sterven en hem zeker niet zal verloochenen.

In het koraal dat volgt is de standvastigheid van Petrus nog te horen, vooral de eerste regels zijn duidelijk. De toonsoort Es wordt door Berlioz omschreven als majestueus en zacht ernstig. Dat laatste past dan zeker bij het eind van het koraal waar het over de dood gaat. Petrus weet op dat moment nog niet wat er gaat gebeuren, wij weten het al wel. De mens wil wel graag het goede, maar soms ligt het ook buiten zijn mogelijkheden. De stemming, zacht ernstig, stemt tot inkeer.
De leer der toonsoorten geeft de verschillen in karakter aan, maar je kunt in de manier van zingen natuurlijk ook aandacht geven aan de verschillende stemmingen.
Je zou ook kunnen zeggen dat het koraal in Es, een halve toon lager, de mensheid zou kunnen zeggen een toontje lager te zingen in plaats van te zelf verzekerd te zijn van eigen kunnen.





Week 2: Inleiding Matthäus Passion Goede Vrijdag 14 april 2017 - door Wolfried Kaper

Herr bin ich's“ en koraal „Ich bin's ich sollte büßen“



Iedereen die het programma De Tiende van Tijl heeft gezien, weet inmiddels af van de getallensymboliek in het werk van J.S. Bach.
Kees van Houten en Marius Kasbergen hebben in hun boek „Bach en het getal“ (1985) een uitvoerig onderzoek gedaan naar de manier waarop de componist met getallen en verhoudingen de tekst verduidelijkt en ook onderschrijft. Daar ook al, wordt gesproken over het koordeel waarin de discipelen Jezus vragen of hij hen bedoelt als Hij zegt dat iemand van hen Hem zal verraden. Door elkaar heen zingen de discipelen „Herr, bin ich's“.
Het woord Herr, wordt als aanroep in alle stemsoorten 3 maal gebruikt, behalve in de bas, daar gebeurt het 2 maal. Er zijn 12 discipelen, het woord Herr klinkt 11 maal. Omdat Judas in de Passion door een bas gezongen wordt, is het duidelijk, Judas zwijgt. In het recitatief na het koraal vraagt Judas „Bin ich's Rabbi“ en Jezus antwoordt dan „Du sagests“.

Het koraal „Ich bin's, ich sollte büßen“ klinkt als antwoord op de vragen van de discipelen en verwijst terug naar de gemeente in de Thomaskirche. Het wordt nogal eens vergeten dat de Matthäus Passion op Goede Vrijdag in een reguliere kerkdienst werd gezongen en dit koraal past natuurlijk goed in de belijdenis van de zonden. Je zou ook kunnen zeggen dat het gegeven „verraad“ altijd nog actueel is in onze samenleving en dat het koraal ook nu nog aanzet tot nadenken.

In dit verband is het misschien ook goed om te weten dat Goede Vrijdag, „Karfreitag“ in Duitsland, nog steeds een dag is waarop niet gewerkt wordt, geen winkels open zijn en er in de ochtend overal kerkdiensten plaatsvinden. Wel wordt de vrije dag ook voor andere doeleinden gebruikt dan voor bezinning zoals in de tijd waarin Bach leefde. In 2013 was er een groot meningsverschil in Bremen, men wilde er een dansfeest organiseren, terwijl anderen vonden dat zoiets op Karfreitag absoluut niet kon.....
Voorlopig blijft het van 6 tot 21 uur verboden voor discotheken om open te zijn.

Tekst:

Und sie wurden sehr betrübt und huben an, ein jeglicher unter ihnen, und sagten zu ihm:
En zij werden zeer bedroefd, en ieder van hen vroeg aan hem:

Chor
Herr, bin ich's ? Heer, ben ik het ?

16. Choral
Ich bin's, ich sollte büssen, Ik ben het, ik zou moeten boeten,
An Händen und an Füssen, Aan handen en aan voeten,
Gebunden in der Höll. Gebonden in de hel.
Die Geisseln und die Banden De zweepslagen, die boeien,
Und was du ausgestanden, En wat Gij hebt doorstaan,
Das hat verdienet meine Seel. Dat heeft mijn ziel verdiend




Week 1
het eerste koraal uit de Mattheus Passion: Herzliebster Jesu, was hast du verbrochen?




Herzliebster Jesu, was hast du verbrochen,
Daß man ein solch scharf Urteil hat gesprochen?
Was ist die Schuld?
In was für Missetaten bist du geraten?

'De koralen uit de Matthäus Passion zijn voor velen die nog geen kennis hebben genomen van deze compositie, het meest herkenbaar. Vaak komt de melodie, soms in een wat gewijzigde vorm, ook voor in de liedboeken die tegenwoordig in de kerken worden gebruikt. Daarbij is het koraal niet zo lang en komt de melodie in de compositie vaker voor, dat komt de herkenbaarheid ten goede.
De beschouwende tekst stemt tot nadenken en verduidelijkt vaak de gevoelens en gedachten die ontstaan op de plaats waar het koraal in het werk is geplaatst.

Het eerste koraal stelt direct de vraag die iedereen bij het lijdensverhaal heeft:
Geliefde Jezus, wat is nu eigenlijk de reden dat men tot zo'n strenge veroordeling is gekomen?

Het vraagteken blijft na de laatste zin duidelijk hangen en blijft in het hele werk van kracht. Daarom kunnen we ook aannemen dat het koraal om deze reden als eerste wordt gezongen'.

Wolfried Kaper



Save











Save













  • Comments(0)

Fill in only if you are not real





The following XHTML tags are allowed: <b>, <br/>, <em>, <i>, <strong>, <u>. CSS styles and Javascript are not permitted.